Het bijenvolk

  Het bijenvolk

Ontwikkeling en werkverdeling

Van ei tot bij

Een honingbij begint haar leven als een paar millimeter groot eitje. De koningin, ook wel “moer” genoemd, legt deze eitjes, soms wel 1500 per dag, in 6-hoekige cellen van bijenwas.Foto: Pixabay

Elke cel 1 ei

Na 3 dagen kruipt er uit het eitje een klein wit rupsje: de larve. Deze larve ligt opgerold op de bodem van de cel. En, zoals de meeste rupsen, doet ook deze larve niets anders dan eten. De eerste 3 dagen dag krijgt ze vele keren per dag zogenaamd “voedersap”. Dit voedersap maken de voedsterbijen in hun kopklieren uit nectar en stuifmeel. De nectar en de stuifmeel wordt door de vliegbijen uit bloemen gehaald.
Als de larve na 6 dagen zo groot is geworden, dat ze klem komt te liggen op de bodem van de cel, gaat ze zich “strekken”, dat wil zeggen in de lengte van de cel liggen.


Dan wordt het tijd om te verpoppen. De volwassen bijen maken de cel met een luchtdoorlatend dekseltje dicht en na 12 dagen vindt de metamorfose (gedaanteverwisseling) plaats: uit de pop komt een volwassen bij. Met moeite knaagt de bij het dekseltje door en kruipt uit de cel: een vrouwtjes-bij of werkster is geboren.

Van ei tot werkbij in 21 dagen: 3 dagen ei, 6 dagen larve en 12 dagen als pop.

 

Koninginnen en darren

Mannetjes-bijen zijn er ook: de darren. Zij maken dezelfde cyclus door als de werksters, maar doen er na de verpopping langer over: 15 in plaats van 12 dagen.
Het bijzondere van darren is, dat zij uit onbevruchte eitjes worden geboren, een zeldzaam verschijnsel in de natuur.
De cellen waaruit de darren komen zijn wat groter dan de cellen van de werksters. De deksels op de cellen waaruit werkbijen worden geboren zijn vlak, die van de darrecellen zijn bol.

Van ei tot dar in 24 dagen: 3 dagen ei, 6 dagen larve en 15 dagen als pop.

Een cel waaruit een nieuwe koningin zal kruipen is goed te herkennen aan de bijzondere vorm: de cel (moerdop) lijkt wat op een pinda. En, hoewel zij het grootst zijn, doen koninginnen het kortst over hun ontwikkeling: in totaal 16 dagen. Maar ze krijgen dan ook aldoor een overvloed aan zeer speciaal voedsel genaamd: koninginne-gelei.

Van ei tot koningin in 16 dagen: 3 dagen ei, 6 dagen larve en 7 dagen als pop.

Foto: Pixabay

Er bestaan dus twee soorten eitjes, waaruit 3 soorten bijen kunnen komen: uit bevruchte eitjes komt (afhankelijk van de hoeveelheid en kwaliteit van het voedsel dat de larven krijgen): een werkbij of een koningin (moer), uit onbevruchte eitjes komen darren.

Werkverdeling

DARREN hebben een lekker lui leventje; ze hebben weinig taken en worden gevoed door de werksters, maar zijn daardoor ook van de werksters afhankelijk, omdat zij zelf niet kunnen eten.
Vroeger dacht men dat het bevruchten van de koningin de enige taak was van de darren. Nu weten we dat ze ook meehelpen de temperatuur in de kast op peil te houden.

WERKSTERS heten niet voor niets zo: zij moeten al het werk doen.
Hun werkzaamheden hangen af van hun leeftijd en zijn als volgt onder te verdelen:
– 1-10 dagen (voedsterbij)
De jonge bij begint haar leven als poetsbij, het poetsen van de cellen, voordat de koningin er een eitje in legt. Vanaf de 3de dag mag ze de oudere larven voeren, en na de 6de dag, als haar voedersapklieren geheel tot ontwikkeling zijn gekomen, mag ze de jongste larven voeren.
– 11-20 dagen (bouwbij)
Deze periode besteedt de bij voornamelijk aan bouwen van de raten en het bewaken van de kast. Ook het afvoeren van dode bijen, wasdelen en voedselresten e.d. behoort nu tot haar taken. Het in ontvangst nemen van de nectar van de haalbijen doet ze vanaf ongeveer de 10de dag.
– vanaf 21 dagen (vliegbij)
Oriëntatievluchten beginnen op de 5de dag, en duren tot ongeveer de 15de dag. Hoewel de bijen pas vanaf de 3de week officieel vliegbij zijn, vinden de eerste haalvluchten soms al op de 10de dag plaats.
Een werkbij wordt zomers ca. 6 weken oud. “Winterbijen” leven veel langer, dat zijn de bijen die in augustus, september en oktober worden geboren, zij overwinteren tot de jonge bijen hun taak in het volgende voorjaar overnemen.

Een KONINGIN hoeft de hele dag niets anders te doen dan eitjes leggen, van enkele tientalllen per dag in het voorjaar tot wel 1500 per dag in het midden van de zomer. Om de koningin vormt zich een groepje werkbijen, die haar likken, haar wassen en haar voeden met voedersap, vandaar dat dit sap koninginnegelei heet. Tijdens het likken geven ze “feromoon” aan elkaar door, een geurstof die andere bijen vertelt dat er nog een koningin is. Dat houdt de bijen rustig. Als er geen of weinig feromoon meer is, worden de bijen onrustig, en willen een nieuwe koningin.

Zwermen

Bijen zijn sociaal levende insecten: ze “wonen” met zeer velen in korven of kasten. Een bijenvolk telt in de winter gemiddeld zo’n 10.000 bijen. In het voorjaar komen er steeds meer bijen bij, het volk groeit tot zo’n 50.000 tot 60.000 bijen. Ook worden er nu een paar honderd darren geboren. Als de korf of kast overbevolkt dreigt te raken door teveel bijen, gaat het volk zwermen.(Zwermen is een vorm van voortplanting van het bijenvolk.)
Als je op zo’n moment bij een bijenwoning staat, lijkt het wel of er een waterval van bijen uit het vlieggat komt. De helft van het aantal bijen vliegt haastig naar buiten. Zo’n 30.000 duizend bijen persen zich in enkele minuten door de klein opening.

In elke kast is maar één koningin, en zij gaat mee naar buiten. Door feromonen (lokstoffen) in de lucht te spuiten weten de bijen waar ze is. Na een minuut of vijf gaan de koningin en de bijen dicht bij elkaar zitten. Ze vormen een tros of zwerm. Zo’n zwerm kan aan een boomtak gaan hangen als die in de buurt is, maar ook aan ieder ander willekeurig ander object.

IMG_0110EFBW
Enkele bijen vliegen erop uit om een nieuwe behuizing te zoeken. Deze moet groot genoeg zijn, droog en niet tochtig; een holle boom of een spleet in een muur. Maar meestal wordt zo’n zwerm door een bijenhouder (imker) “geschept”. Foto: Pixabay.comDoor een korf of een emmer onder de zwerm te houden en even aan de tak te trekken of de zwerm af te vegen met een zachte borstel, vallen alle bijen in de korf of de emmer. De imker kan de bijen dan onderbrengen in een nieuwe behuizing (vroeger een korf, tegenwoordig een kast van hout of kunststof). Hierin gaan de bijen opnieuw raten bouwen. Die raten maken ze van was die wordt afgescheiden door wasklieren die zich onder hun achterlijf bevinden.

Na het zwermen

Een nieuwe koningin
In de korf of kast waaruit de zwerm is gekomen, zijn voor die tijd meerdere koninginnecellen aangezet, waaruit nieuwe koninginnen geboren kunnen worden om de oude afgezwermde koningin te vervangen.
De eerste jonge koningin die uit haar cel komt waarschuwt de andere jonge koninginnen die nog in hun cel zitten dat ze er is. Daartoe maakt ze een geluid als een bezettoon van de telefoon: tuut, tuut, tuut. De andere jonge koninginnen in hun nog gesloten cellen antwoorden met: kwaak, kwaak, kwaak, ten teken dat ze eraan komen
De eerst uitgekomen jonge koningin zal dan of met de overgebleven helft van het volk gaan zwermen (als dat volk nog groot genoeg is), of (als het volk niet groot genoeg is om nog een keer te zwermen) de andere nog niet uitgelopen koninginnen in hun cel doodsteken.
Er kan uiteindelijk maar 1 koningin in het volk zijn.

Bruidsvlucht
Nu moet de jonge koningin nog op “bruidsvlucht” om bevrucht te worden. Bij goed weer verlaat ze de kast en vliegt hoog de lucht in. Ze spuit wat feromoon de lucht in. Darren, die zich hoog in de lucht hebben verzameld, ruiken dit parfum en vliegen zo snel als ze kunnen (want wie het eerst komt, het eerst maalt) achter de koningin aan. Acht tot tien darren paren met haar en moeten dit met hun dood bekopen.
De koningin keert weer terug naar de kast en heeft nu sperma genoeg om de rest van haar leven eitjes te kunnen leggen, waaruit weer veel nieuwe werkbijen, darren en koninginnen geboren zullen worden.